Logo Stichting Genealogie Jacobus Lampe (1691) uit Mettingen
www.familie-lampe.nl

Stichting Genealogie Jacobus Lampe (1691) uit Mettingen

07 Ich bin nur ein armer Wandergesell

(door Marga van Poecke – Lampe VIII.62)

 

Mam, ik ga volgend jaar als Wanderer! Mijn zoon Michiel, die – geschoold als meubelmaker –, een jaar in Ierland in een meubelfabriek annex opvang voor geestelijk gehandicapten werkt, belt me met die verrassende mededeling. Verrassend vooral omdat ik niet eens van het bestaan van Wandergesellen weet, hoogstens vanuit dat liedje: “Ich bin nur ein armer Wandergesell” vroeger vaker door mijn moeder gezongen.


Doorvragend kom ik erachter, dat een Duitse jongeman ook in Killkenny (Ierland) is neergestreken, gekleed in zwart ribfluweel,  inclusief hoed die alleen onder de douche en in bed af schijnt te mogen. Mijn zoon is geen prater en de informatie, die ik krijg doet me besluiten het allemaal maar eens terzijde te leggen totdat mijn kind weer thuis is. Gekke invallen en prachtige ideeën zijn een hobby in ons huis, dus laten we eens afwachten.


Als Michiel weer terug op honk is, volgt niet veel later het bezoek van Winfried, de Duitse Wandergesell. En stukje bij beetje wordt mij uit de doeken gedaan, wat dat wanderen inhoudt. Echt stukje bij beetje, want ze doen daar nogal geheimzinnig over. Die geheimzinnigheid is naar alle waarschijnlijkheid een overgebleven deel van de traditie. Men vormde vroeger vanuit rondtrekkende wanderer een soort gilde, een Bruderschaft, en er waren zo verschillende gildes, die in bepaalde tijden elkaar letterlijk naar het leven stonden. Dus het was zaak de afspraken en ontmoetingsplaatsen geheim te houden. Maar voor een moeder, die graag weet wat haar kinderen met de voor hen liggende jaren van plan zijn, is het dan moeilijk hoogte te krijgen. Een leerzame ervaring.


Inmiddels zijn Michiel en Winfried, vlak voor kerst 2001, lopend vanuit Schimmert vertrokken voor een trektocht van drie jaar en één dag, om met zijn beroep zich staande te leren houden onder alle omstandigheden. Zonder geld vertrokken, de eerste 50 kilometer in vogelvlucht, te voet. Over die eerste 50 kilometer ontstond al het eerste conflict, want blaren maken humeurig.
We zijn nu tien maanden verder. Winfried's trektocht zit er open is geëindigd in een huwelijk met een 'en route' gevonden Duitse schone.


Michiel is allang niet meer platzak en heeft inmiddels hopen ervaring en vrienden opgedaan in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland. Op dit moment werkt hij in Hamburg en bouwt daar voor een oud-wanderer een keuken.
In de zomervakantie hebben wij (broer, zus en moeder) Michiel opgezocht in Höhr-Grenzhausen. Op straat wer Michiel aangesproken met de woorden: “Waderer, wir brauchen ein Schrank, haben aber kein Geld. Aber schlafen und essen kannst du bei uns!”


Michiel heeft duidelijk vrienden gemaakt, dat hij op dat moment voldoende op zak had om van het Freie Wanderleben te genieten en vlijde zich in het gras langs de kant van de weg. En we genoten van zijn verhalen. Daarover later meer?